“Mijn leven begon in 1964, in het katholieke Noord-Brabant. Ik was de jongste in een gezin van zes kinderen. Mijn ouders hadden een kantoorboekhandel met een drukkerij erbij. Doordeweeks hard werken en op zondag naar de kerk. Dat is een beetje zoals het ging toen. Op mijn vierde gingen mijn ouders scheiden, maar daar herinner ik me niets van.
Mijn vader vertrok. Hij werd zwartgemaakt door mijn moeder en mocht ons niet meer zien. Na de scheiding runde mijn moeder een camping. We woonden een tijdlang met z'n allen in een grote, groene woonwagen, tot we een woning kregen. Ik was als kind een bezig baasje, liefst buiten, altijd vrolijk, bijdehand en bemoeizuchtig. Niets liever dan het beter weten dan mijn oudere broers en zussen. Ik was ook een knuffelkont,…
