Je beleeft met Historia de belangrijke veldslagen uit de krijgsgeschiedenis en geniet van spannende en boeiende verhalen over misdrijven en internationale conflicten, gewaagde ontdekkingsreizen, vernuftige bouwwerken en legendarische personen.
Met veel plezier en gepaste trots kan ik je welkom heten bij het grote jubileumnummer van Historia. Onze Nederlandstalige versie bestaat alweer 15 jaar. En wat hebben we samen veel meegemaakt – wereldoorlogen, Romeinse ruïnes, Egyptische mummies, malaria, ontdekkingsreizen – en we zijn nog niet uitverteld! Inmiddels zijn we uitgegroeid van één tijdschrift tot een media-imperium met specials en een grote onlineredactie. Op internet brengen we elke dag nieuws, terwijl we in het tijdschrift als vanouds ons best doen om historische verhalen te vertellen, die als het even kan parallellen naar het heden trekken. In dit nummer kijken we terug op enkele hoogtepunten. Deze artikelen zijn te goed om stof te happen in het archief. Wil je bijvoorbeeld alles weten over luchtschepen met vliegtuigen in hun buik, kijk dan op…
Carsten Yttesen Lay-outer sinds 2011. Dit jaar werd hij benoemd tot hoofd lay-out van Historia. Als lay-outer bij Historia is het mijn werk om de geschiedenis in beeld te brengen. Ik ben zeer geïnteresseerd in de wereldgeschiedenis, maar mijn passie ligt in het grafische aspect ervan. Ik vind onze benadering van geschiedenis heel fascinerend: we nemen er geen genoegen mee om gewoon te vertellen over grote slagen en andere belangrijke gebeurtenissen. We beginnen vaak met een detail – een brief, een foto of een schijnbaar klein voorval – en bouwen het verhaal zo op. Andreas Abildgaard Studeerde geschiedenis, journalist bij Historia sinds 2015. Als jongen wilde mijn vader geschiedenis studeren, maar hij moest aan de slag bij het tuiniersbedrijf van de familie. Zijn historische interesse bleef echter hangen. Zolang ik me…
1 Het gaat over oorlog en frisdrank De lay-outer, journalist, hoofd design en redacteur hadden allerlei ideeën over een illustratie bij de cola-oorlog. Die waren niet goed genoeg. 2 Misschien moet het een tank zijn? ‘Het artikel gaat over een oorlog tussen frisdrankproducenten,’ zei de journalist, en hij stelde een tank voor. Maar de mix van een kanon en suiker werkte niet. 3 Het begon op een servetje De discussie ging een paar dagen door, tot de designer ingreep. Hij maakte een schets op een servetje en zei: ‘De twee flessen gaan de boksring in!’ 4 Eindelijk iets om mee te werken Praten over een illustratie is één ding, maar hij was er nog niet. Er moesten meerdere programma’s aan te pas komen om de bewegingen goed te krijgen. 5 Het eind-resultaat Na drie weken…
De paarden schrapen ongeduldig hun hoeven in het zand terwijl ze briesend tegen de deuren duwen. Erachter staat menner Gaius Appuleius Diocles op zijn wagen. De lucht zindert. De tribunes van het Circus Maximus zijn gevuld met 150.000 Romeinen. De keizer zit in zijn loge en wacht op het startsein. De scheidsrechter heeft het teken nog niet gegeven of de deuren van de startboxen zwiepen open. De wagens schieten de baan op en het volk juicht. De aarde beeft onder de wielen en de hoeven, de zwepen knallen. De eerste wagen neemt onder luid gejuiching de bocht. Diocles ligt op drie. De menner voor hem zweept zijn paarden nog meer op. Het zweet gutst van hem af en de bezwete paardenruggen glimmen. Diocles zet zijn borst op, leunt voorover en…
Snelheid was alles in de Romeinse wedrennen. Daarom waren de wagens gebouwd van licht materiaal. Ze wogen slechts 25 tot 35 kilo. De wagenbak was een soort broodmand, met dunne latjes en gevlochten tenen, versterkt met leren banden. Hoe minder gewicht, hoe groter de snelheid, maar ook hoe groter de kans op ongelukken. De renwagens konden op de rechte stukken 70 km/h halen. Met die snelheid kon zelfs een zandhobbeltje op de baan de wagen doen omslaan, met de dood tot gevolg. Zo laten mozaïeken zien dat wagens in stukken op de renbaan liggen, en eraf geslingerde menners door de paarden vertrapt worden. De enige bescherming van de rijders bestond uit een eenvoudige leren helm, kniekappen en een soort korset van leren riemen om de borst. Uiteindelijk was de beste…
Door de eeuwen heen werd het Circus vele malen uitgebreid, zodat het in de keizertijd tot een gigantisch stenen bouwwerk van drie verdiepingen was uitgegroeid. Het stadion mat circa 650 bij 120 meter en had 50 vakken, elk met plaats voor 3000 toeschouwers. In het midden van de renbaan lag een middenberm van 340 meter, de spina, waar de wagens zeven keer omheen moesten. De spina voorkwam dat de wagens frontaal botsten, en mettertijd werd hij verfraaid met obelisken en kleine tempeltjes. In de 3e eeuw werd het aantal jaarlijkse wedstrijddagen verhoogd tot 60. Het bezoekersaantal groeide toen tot bijna 10 miljoen per jaar.…