“In de spiegel keek een bijna vijftigjarige vrouw, waar de glans al jaren vanaf was, me aan. ‘En nu is het echt afgelopen,’ zei ik tegen mezelf. AI veel langer wist ik dat ik bepaald geen gelegenheidsdrinker meer was.
Dat gold ook voor Jan, mijn man, die dagelijks nog meer dronk dan ik. Want dat was toch gezellig? ‘Kind, het lijkt wel of je hoofd op knappen staat,’ zei mijn moeder dikwijls, als ze spontaan langskwam en me kritisch opnam, terwijl ik driftig zat te typen. ‘Deadlines mam,’ was altijd mijn antwoord, in de hoop dat ze me niet kon ruiken en snel weer zou vertrekken. Steeds vaker schonk ik al rond het middaguur een glas witte wijn of rosé in, ook al was er nog veel werk te verzetten.…
