Mijn vader was dan wel verstrooid, maar hij had een ijzersterk geheugen: de snelheid van het licht, de data van veldslagen, het periodiek systeem, de Latijnse namen van planten en de Engelse namen van wilde bloemen, de botten in het lichaam, wiskundige vergelijkingen en scheikundige formules, gedichten, de kleuren van nationale vlaggen, hoofdsteden: hij schudde het allemaal zó uit zijn mouw. Totdat het grote vergeten begon en alles wat hij in zijn leven met zo veel moeite had vergaard geleidelijk verdween.
We weten niet wanneer zijn dementie is begonnen. Daar zullen we nooit de vinger op kunnen leggen. Het is als mist die je besluipt, onmerkbaar, totdat de misthoorn klinkt en je donkere vormen uit het nevelige duister ziet opdoemen – je denkt dat je het wel zult zien aankomen,…