COLUMN Bij een terugblik op het seizoen 2024 stijgen de juichkreten hoog op, met name in het wielergekke deel van de wereld, genaamd de Lage Landen. Tadej Pogacar keizer in wielerland, Mathieu Van der Poel koning der klassiekers, Remco Evenepoel prins der olympische spelen. Sta me, als gepatenteerd doemdenker, toe toch enkele bedenkingen te formuleren.
1. De bijna gênante overmacht van Pogaçar. Wielrennen is, in tegenstelling tot vele andere sporten (lopen, zwemmen, touwtrekken, …), een complexe aangelegenheid. Het is niet noodzakelijk de (atletisch) beste atleet die wint (met andere woorden hij of zij die het hardst loopt, zwemt of trekt). Allerhande andere factoren spelen een rol (koersinzicht, sluwheid, acteertalent, sociale vaardigheden, onderhandelingstalent, kennis van parcours en tegenstander, …). Net als Merckx indertijd, dreigt Pogaçar de wielersport te degraderen tot een…
