In 1980 trad ik toe tot de roemruchte rangen der reguliere wielerjournalisten. Tours van haast 4.000 kilometer, volgwagen zonder airco, mobiele telefoon en internet onbestaande, gezeul met pakken naslagwerken en rennersfiches, perscentra die meer op gelagzalen dan op werkruimtes leken. Tour 1980: vijf Belgische ritzeges, groen voor Rudy Pevenage. 1981: tien Belgische etappezeges, puntentrui voor Freddy Maertens, bolletjes voor Lucien Van Impe. Tussen 1960, toen ik mij bewust werd van mijn bestaan, en mijn debuutjaar 1980, was de wereldtitel acht keer gewonnen door een Belg. In 1978 had Eddy Merckx de fiets aan de wilgen gehangen, maar het Belgische wielrennen was nog alive and kicking.
Het oorzakelijk verband moet nog worden aangetoond, maar hoe langer ik wielerjournalist bleef, hoe armzaliger de Belgische prestaties werden. Gaandeweg leek het gat dat Merckx…
