Serieus, ik moet toch echt leren om eerst na te denken voor ik antwoord geef. Niet al mijn eerste gedachten zijn namelijk briljant. Oké, eigenlijk is geen enkele gedachte dat. Als ik ja zeg, zou dat eigenlijk nee moeten zijn. Zo vroeg mijn broer ooit: “Madeleine, mag ik vijfduizend euro lenen? Het is voor een nieuwe auto, want de mijne is stuk.”
(En met ‘stuk’ bedoelt hij dat hij hem in de prak heeft gereden – voor de derde keer – en de verzekering niet meer wil uitbetalen.)
En natuurlijk zei ik meteen: “Prima.” Want tja, ik heb toch genoeg geld op mijn bankrekening staan. Waarom zou ik het niet aan hem uitlenen? Ik bedoel, hij geeft het geld terug, toch? Tóch? Het is niet dat hij een gat in…
