‘PAPA, HOE MOET DAT, NIET NADENKEN?’ ‘Gewoon doen,’ zei de vader. ‘Niet nadenken.’ Hij gaf het goede voorbeeld, nam een aanloop, en sprong het zwembad in. Zijn dochter, ze was een jaar of zes, stond nog aan de kant. ‘Papa, hoe moet dat, niet nadenken?’ ‘Gewoon, niet nadenken!’ ‘Ja maar, hoe moet dat?’ Ik lag in een tuinstoel en observeerde... Goede vraag, vond ik. De vader bleef herhalen dat je niet moest denken, maar gewoon moest doen, en dat was de essentie van niet nadenken. Het meisje, filosofe in de dop, bleef aan de grond genageld vanwege de immense denkpuzzel die ze zelf had opgeworpen. Niet nadenken, hoe doe je dat? En waarom zou je het willen? De mens immers, is een homo sapiens, een wezen dat kan denken en…
