Ik heb echt een intense, diepgevoelde, on-ironische, in al mijn vezels trillende teringhekel aan het menstype Sigrid Kaag, die omhooggevallen, zelfvoldane, koudgekakte, belerende, moralistische, vingerwijzende, heiliger-dan-jij, spiegelloze, samenlevingsschuwe, volksverlakkende, zelfbedriegende en anderenbeliegende bezemheks van Dédain66.
Moet ik hier nu disclaimers neerzetten over de vrijheid van stijlvormen, de overdrijving van hyperbolen als ook een openlijk geëtaleerd besef dat op de man spelen – zeker bij een vrouw – meestal een zwaktebod is, waar je jezelf in de huidige bekrompen tijdsgeest sociaal mee zou kunnen zijlijnen (om maar een lelijk anglicisme te gebruiken waar La Kaag zich ook om de haverklap van bedient omdat het Nederlands nauwelijks nog haar moeder-tong te noemen is na een sjiek-diplomatiek leven in het buitenland)?
Zou ik me überhaupt inktgiftig moeten maken over een partijleider die overduidelijk…
