Atsma acteert naar aloud gebruik als een zuiplap die aan z’n ballen staat te krabben en de boel onderkwijlt Veronderstel dat er in een onooglijk dorpje, bijvoorbeeld Spijkenisse, een toneelvereniging is, en de amateur-acteurs zijn naast de plaatselijke slager, de postbode, de cassière bij de Hema, oma Sjaan en de boswachter, een werkloze alcoholist die het IQ heeft van een kolenkit en het mimische talent van iemand die vastzit in een blok ijs. Nou, die stinkende eikel krijgt af en toe een rolletje, hetzij als potplant, hetzij als lantaarnpaal, hetzij als zwijgende soldaat in het leger van de prins, overigens telkens een rol waarbij hij kwijlt, omvalt, aan z’n ballen krabt, of in z’n broek schijt, welnu, dan is de kans groot dat, als het doek is gevallen, het…
