Mensen klommen op het dak, trokken een reusachtig ijzeren kruis omver, vernielden glas-inloodramen, bewerkten een Jezusbeeld met een bijl en sloegen een Mariabeeld kapot. Ze hadden het eigenlijk gemunt op de aartsbisschop van Parijs, maar hij was niet thuis. Daarom plunderden ze zijn paleis, dat naast de kathedraal was gebouwd. Op de plek waar dit paleis stond, staat nu een 75 meter hoge bouwkraan.
Wat er in die nacht gebeurde, op 14 februari 1831, is vastgelegd op een tekening. We zien het tafereel vanaf de Quai de Montebello, aan de overkant van de Seine. De maker is Eugène Viollet-le-Duc, de man die dertien jaar later zou beginnen aan een twintig jaar durende restauratie van de kathedraal. Viollet-le-Duc was zeventien jaar op het moment van de aanval. Op zijn potloodschets bestormen…