Van de mantelzorg die ik nu enige weken geef omdat mijn vrouw revalideert na een operatie, vind ik het shoppen in de supermarkt veruit het opwindendst. Steeds voelt het immers alsof ik een lusthof betreed dat in al mijn behoeften - en méér - kan voorzien. Alles wat ik wil, alles waar ik - zeg maar - ‘smaaktechnisch’ naar verlang, mijn lekkere trek dus, ligt er voor het grijpen. In een volstrekt absurde overdaad van productvariaties en dubbel- of tripleverpakkingen voor een ‘actieprijs’. De schappen, rekken, vitrines en koelkasten puilen er uit, maar worden continu aangevuld. Het boodschappenlijstje dat ik van huis meekrijg is evenwel sober. Krentenbollen, brood: een heel lichtbruin, halfje donkerbruin. Leverworst in plakjes, pindakaas en drinkyoghurt. Voor me zie ik wel veertig soorten brood uitgestald, acht krentenbolvarianten,…
