‘MARCO EN IK KUNNEN HEEL GOED SAMEN ZIJN, MAAR OOK HEEL GOED NÍÉT’ Ze is zoals je haar ook op het podium ziet: expressief, ogen wijd open, armen in de lucht, meebewegend met haar woordenstroom. Ze praat snel, springt van de hak op de tak, maakt grappen over het alleen wonen in een dorp, vertelt enthousiast over haar aanwaaikinderen en aanwaai-oma zijn, om daarna stil te vallen, na te denken, te kijken, te observeren. “Vind je het lawaaierig hier? Zullen we ergens anders gaan zitten?” Dan weer die stilte, waarin ze haar woorden afweegt. Als het over haar relatie met Jacques (cabaret-historicus Jacques Klöters, red.) gaat bijvoorbeeld. Na 26 jaar besloten ze elkaar te laten gaan. “We hebben er superlang over gedaan om elkaar los te laten. Daardoor is het…