DONDERDAG
Omdat alles bij ons thuis naar verf smaakt, eten Han en ik bij Manon vanavond. Zij kookt niet, dat doen Willeke en een jongensachtig meisje, of een meisjesachtig jongen, die zich voorstelt als Benny. “Grappige naam”, zegt Han hartelijk, en hij pompt haar – of toch zijn? – hand heen en weer. “Het wordt een Noord-Afrikaanse stoofpot met kikkererwten”, kondigt mijn kleindochter aan. “Waardoor we vannacht allemaal winderig zullen zijn”, lacht Boy. Ik neem Titia op schoot. Ze knabbelt tevreden op een rijstwafel. Boy schenkt wijn in, Manon maakt heerlijke toastjes met Franse kaas. “Ga je dit weekend naar Duitsland?”, vraagt ze. Han knikt. “Samen met mijn zus. Met alle neven en nichten gaan we het huis van oom Helmut opruimen, zodat het in de verkoop kan. Helmut was…