ZATERDAG
Van vorig jaar herinner ik me dat Han en ik toch een beetje opgelucht waren toen we na onze vakantie met Dorien weer naar huis reden. Dit jaar is alles anders. Het is duidelijk dat niemand zin heeft om te vertrekken. Nog voor het ontbijt springt de een na de ander nog even in het zwembad. Samen met Jessie en Carolien, de kleindochters van Han, zet ik op het terras een enorme stapel sandwiches, vruchtensalade en een berg verse croissants klaar. Dorien staat sinaasappels uit te persen en Martin zet koffie en thee. We ontbijten alsof het een heel gewone vakantiedag is. Ineens slaat de stemming om. “Jongens, we moeten nu echt wat gaan doen, op deze manier komen we nooit weg!”, roept Martin. “Willen we ook niet!”, roepen…