‘Amerika is zó sterk, de Ryder Cup zoals we die kenden is niet meer. Het Amerikaanse team blijft groeien terwijl de Europeanen op weg naar de uitgang zijn.’ Deze zinnen, of woorden van gelijke strekking, schreef een Amerikaanse collega nog geen jaar geleden. De tweejaarlijkse strijd, vaak zo spannend, zou zijn beste tijd hebben gehad, omdat de nieuwe generatie Amerikanen veel te sterk was. Gelet op de wereldranglijst had dat inderdaad best gekund, maar opnieuw bewees Europa dat een team meer is dan de som der delen. Met goed spel, en nog veel beter samenspel, werd Amerika in Parijs getrakteerd op een 17,5-10,5 nederlaag.
Niet de nieuwe Amerikaanse sterren aan het firmament (Jordan Spieth, Justin Thomas, Bryson DeChambeau), niet de nummer 1 van de wereld (Dustin Johnson) of de routiniers…