ZOLANG IK MIJ kan herinneren, is december een magische maand. Als kind kwam dat niet door de fonkelende lichtjes op straat of de kleurrijke ballen in de boom, maar doordat ik dagelijks mijn adventskalender mocht openen. Elke ochtend, van 1 tot en met 24 december, schoof ik met mijn kleine knuistjes het volgende kartonnen luikje open. Vol enthousiasme, soms ietwat te haastig, maar altijd even voorzichtig, zodat het chocolaatje erachter niet zou breken. Dat ik die kleine traktatie helemaal alleen mocht opeten, vervulde mij elke keer weer met pure, kinderlijke blijdschap. Het geritsel van het dunne papiertje, de zachte geur van cacao die vrijkwam zodra het vakje openklapte, het glanzende chocolaatje dat me toelachte in zijn vorm van een ster, klok of kerstman… ik kan het mij nog zo goed…