Mijn dochter Jagger is bijna twee, maar vlak voordat ze twee kaarsjes mag uitblazen, wordt ze eerst nog een grote zus. De gedachte aan twee kinderen doet me vervullen van liefde, het is eigenlijk wat ik altijd al wilde, het voelt compleet, maar tegelijk maakt het me doodsbang. Met Jagger hebben wij, volgens medeouders, erg veel “geluk”. Natuurlijk heeft iedere ouder het geluk van het ontvangen van een kind, maar een gemakkelijk kind dat vrijwel altijd slaapt, bijna alles eet, weinig huilt en leuk met andere kinderen kan spelen, is blijkbaar een extra level van geluk in het spel dat het ouderschap heet. “O, zul je zien dat jullie tweede kind precies het tegenovergestelde doet. Dat hadden wij ook met onze tweede.” En: “De eerste is een makkie, bij de…