Het oude Egypte is een beschaving die héél lang geleden bestond. De koningen en koninginnen heetten farao’s. Het volk geloofde dat dat halfgoden waren. Voor elke farao werd daarom een piramide gebouwd. Dit is geen paleis, maar een graftombe, wanteen halfgod stop je na overlijden natuurlijk niet zomaar in de grond!
Het lichaam van een farao moest na de dood bovendien goed bewaard blijven. Om dat voor elkaar te krijgen, droogde een dienaar het snel. Hij verwijderde natte onderdelen, zoals hersenen en darmen, via een haak door de neus of een snee in de zij. De huid en botten kregen een dagenlang zoutbad, zodat het niet ging stinken. Daarna smeerde de dienaar het lichaam in met een speciale zalf en wikkelde hij het in linnen doeken. Dit noem je een…