Het begint in september, het wordt steeds erger, en dan, in oktober, als de klok een uur achteruitgaat, komt-ie: de genadeklap. Dan is het toch echt wintertijd, zijn de dagen korter en komt Lynn (29) officieel haar bed niet meer uit. Of nou ja, met behulp van maar liefst zes wekkers, achtentwintig snoozesessies en meer gezucht, gekreun en gesteun dan de gemiddelde hoogbejaarde in zijn laatste levensjaren laat horen. ‘Vriendinnen noemen me weleens een koe,’ vertelt ze. ‘Die zijn toch ook megablij als het weer lente is, springen dan als een malle door de wei? Nou. Zo ben ik ook als de dagen eindelijk langer en lichter worden. Ik ben totaal geen ochtendmens, maar ik presteer het in de zomer om maar één keer te snoozen en zet dan neuriënd…
