A Geen sieraden, veel zwart, wit en grijs, jumpsuits, modern, zakelijk.
B Bloemetjes, ruches, pastels, jurken, kant, bloemenkronen.
C Jurken, jassen met statement knopen, nude pumps, vrouwelijk, klassiek.
D Kokerrokken, zwart leer, rechte broeken, pakken, felrood.
E Prints, groen, sneakers, knitwear, tunieken, over-de-knie-laarzen.
F Hoog gesloten, sjaaltje, traditioneel, vaak effen tinten.
G Flowy jurken, fijne prints, accent op de taille.…
