Er komen dus ook veel autospots voorbij, die dan weer keurig in twee categorieën zijn verdeeld: supercars en doodgewone, maar bijna verdwenen auto’s. Die eerste groep boeit me niet vreselijk veel meer, maar als bijna vijftiger vind ik die ‘auto’s die wél uit het straatbeeld zijn verdwenen, maar nóóit een echte klassieker zullen worden’ wel erg leuk. Die supercars blijven voor altijd, die worden nooit weggegooid. Als je naar Knokke of Cannes gaat, zie je ze allemaal weer voorbij trekken. Maar om weer eens een Citroën ZX, Toyota Tercel of Seat Ronda te zien, ben ik echt overgeleverd aan de kanalen die de laatste exemplaren van die auto’s weten te spotten. AutoWeek heeft gelukkig de rubriek In het Wild, waar we ook zo nu en dan een vergeten model in…