Hij start moeiteloos. Ik zorg natuurlijk goed voor hem, dat helpt. In de droge garage onder de flat, waar door de stookwarmte van de verwarmingsbuizen de temperatuur nooit onder de nul zakt, heeft hij een zachte winterslaap. Periodiek hang ik hem een nachtje aan de druppellader. Het is een Japanner, dus meer hoef je er echt niet aan te doen. En verder is het de eerste schitterende dag in maanden. Kom, zeg ik tegen E., we gaan hem uitlaten.
Ze is tegen cabrio's, dus de eerste kilometers van zo'n lenteuitstapje verlopen altijd stroef. Geen ramp, boven de tachtig versta je elkaar toch niet in een Copen. Maar nu zie ik haar, nadat de klachten over kou en wind zijn verstomd, naar me kijken zoals ik haar in de SL nooit…
